HET KYOTO COMPLOT: FEIT & FICTIE
De affaire Valerie Palme
In hoofdstuk 9 van Het Kyoto-complot wordt verwezen naar de affaire Valerie Palme. Deze affaire is gerelateerd aan opmerkingen die president Bush (ter rechtvaardiging van de inval in Irak) maakte in zijn State of the Union over door Irak in Niger gekocht materiaal om kernbommen te maken en het feit dat oud-ambassadeur, Joseph Wilson, vervolgens in de media bekend had gemaakt dat hijzelf, in opdracht van de CIA, het gerucht had onderzocht en dat hij de president in een vertrouwelijk ambtsbericht had laten weten dat er geen enkele aanwijzing was dat dit echt gebeurd kon zijn. Bush had zijn uitspraken vervolgens publiekelijk moeten rectiferen.
In de fictie van Het Kyoto-complot wordt gesuggereerd dat Dick Cheney opdracht heeft gegeven tot het laten uitlekken dat Wilsons vrouw een CIA-agente was. De vrouw, Valerie Palme, die veel in Afrika had gespioneerd, had plotseling overal vijanden die haar wisten te vinden.
In werkelijkheid is Cheney er inderdaad van verdacht hiertoe opdracht te hebben gegeven, maar is dit nooit bewezen. De werkelijkheid in deze zal moeilijk boven tafel te krijgen zijn. Scooter Libby, oud-rechterhand van vice-president Dick Cheney is verhoord in het justitieel onderzoek naar deze ‘Palmegate’ en veroordeeld tot 2,5 jaar gevangenisstraf en 250.000 dollar boete wegens meineed en obstructie. “Er hangt een schaduw boven Dick Cheney” kopte een Amerikaanse kracht naar aanleiding van deze affaire.
Vlak voordat Libby de gevangenis in moest heeft George Bush hem met een presidentiële ingreep zijn gevangenisstraf kwijtgescholden.
“
Bush ‘gedoogt misdadig gedrag’, betoogde Nancy Pelosi, voorzitter van de Democratische fractie in het Huis van Afgevaardigden hierover.
The New York Times stelde: “
Voor de president zijn onbezoedelde idealen minder een prioriteit dan het bewaren van de geheimen van zijn ‘inner circle’, en het sussen van het kleine laagje rechtse Amerikanen in zijn politieke basis”. (Bron: Trouw, 4 juli 2007 ‘Gratie voor Scooter Libby’)